zondag 5 juni 2011

Tussenstand

Begin dit jaar schreef ik een blog over mijn goede voornemens. Eigenlijk houd ik daar niet van, maar het leek me een goede stok achter de deur om te doen wat ik moet doen. Dit waren ze:
  1. Goed voor mezelf zorgen, want als ik iets heb geleerd van 2010 is het dat je goed voor jezelf moet zorgen. Het geeft geen garanties, maar beperkt risico's. En daar wil ik wel voor tekenen.
  2. Meer sporten. De inschrijflijst heb ik thuis, de prijslijst is doorgenomen en de lesjes zijn bekeken. Niet lullen, maar poetsen, dat soort gedachtes.
  3. Meer genieten en losen' up a little. Prima dat ik me inzet voor school, maar dat betekent niet dat ik als een oma door het leven moet.
  4. Meer reizen. Dit jaar ben ik daarmee goed begonnen: O&N in Dublin, 14 januari ga ik op wintersport met de HHS naar Frankrijk en in april ga ik met mijn ouders en zus naar Marokko. Eigenlijk wil ik ook nog graag terug naar Dublin, misschien in mei? En dan natuurlijk na de zomer op uitwisseling!
  5. Beter plannen. De valkuil van ongeveer iedere student. Als ik beter plan, kan ik ook meer doen en me beter voorbereiden op de lessen.
  6. Regelmatiger bloggen.
Voornemen 1: GEHAALD.
Voornemen 2: GEHAALD, al duurde het even voordat dit weer mogelijk was vanwege mijn gescheurde knieband. Nu ben ik weer aan het opbouwen, want mijn knie is nog steeds instabiel. Maar het gaat de goede kant op!
Voornemen 3: in progress. Sinds de ziekte van mijn moeder, ben ik pessimistischer en emotioneler geworden. Ik doe mijn best, het gaat me vast wel lukken.
Voornemen 4: Dublin staat op de planning eind juni! Daarna ga ik hard werken om een buffer op te bouwen voor mijn uitwisseling.
Voornemen 5: niet volmondig geslaagd. Plannen lukt me beter, maar het is nog niet optimaal.
Voornemen 6: niet geheel geslaagd. Perioden met pieken en dalen, maar wel volbracht :-)

Als ik iets heb geleerd van dit jaar, is dat je je tijdsschema kunt plannen, maar het leven niet. Het is vallen en opstaan, en uiteindelijk maakt het je sterker. Geniet van wat je hebt en probeer overal wat van te maken. Ik klink als een oud wijf en het is zo cliché, maar wel ontzettend waar.

Europe @ Home

Wij hebben een project: Europe @ Home. Hierbij moeten we een fieldtrip en een discussion session voor uitwisselingsstudenten organiseren. Met een budget van 50 euro. Voor tien uitwisselingsstudenten en dan ook nog je eigen groepje van zeven studenten. Creatief met kurk dus!

We hadden als onderzoeksvraag: bestaat de Nederlandse identiteit? Daar is in Nederland al discussie over, dus dat is interessant om te bespreken met uitwisselingsstudenten. Ik heb hier twee artikelen over geschreven, wat onderdeel was van de opdracht. De artikelen zijn hoog gewaardeerd, en ze tellen voor 40% mee. Fijn dus!

De discussion en de fieldtrip waren ook leuk. Bij de discussion deden we een vooroordelenspel voor de interactiviteit en verder poseerden we stellingen. De discussie verliep vlot en was leuk (wat ook bleek uit reacties en feedback.) De fieldtrip was eerst lastig. We wilden een speurtocht organiseren door de Schilderswijk, maar toen we de route van te voren liepen, bleek het echt verschrikkelijk te zijn. Zo depressief! Dus zijn we via de Bierkade en China Town naar het stadhuis gelopen, waar een interessante (gratis!) tentoonstelling was. Vervolgens zijn we via het Buitenhof, waar we premier Rutte tegenkwamen, zijn het Malieveld gegaan om daar te picknicken.

We zijn er achtergekomen dat de Nederlandse identiteit niet bestaat, maar de Nederlandse cultuur wel degelijk. Ondanks de vele frustraties in het project (geen extra lessen ingeroosterd, je zit met mensen uit verschillende klassen in de groep dus dat is lastig een vergadering plannen, enz.) hebben we toch iets goeds neergezet. Nu schrijven we het laatste rapport en dan denk ik dat we het heel behoorlijk hebben gedaan.

Examencommissie

Dit jaar ben ik veroordeeld door de Examencommissie. Wegens ongeoorloofd samenwerken. Uiteindelijk viel die veroordeling nog mee, aangezien ik werd beschuldigd van plagiaat. Ik ja, beschuldigd van plagiaat. Een nerd in hart en nieren, die altijd haar best doet om goede cijfers te halen. Het verhaal is als volgt...

Begin dit semester in februari, was ik de eerste lesweek niet aanwezig bij de les Frans. Daarin is uitgelegd dat we gedurende het semester opdrachten maken die samen voor 22% meetellen voor het uiteindelijke cijfer, samen met het tentamen (78%). Blijkbaar is in die les ook verteld dat we niet mochten samenwerken. Maar goed, omdat ik ietwat last had van een gescheurde knieband en niet aanwezig was in die eerst les, heb ik dat even gemist.

Bang dat ik ben om dingen te missen, heb ik de modulehandleiding doorgelezen om er zeker van te zijn dat ik wist wat de opdracht inhield. In de modulehandleiding stond nergens vernoemd dat we niet mochten samenwerken. Er is wel duidelijk vermeld dat opdrachten alleen in de les ingeleverd mochten worden. In week 3 heb ik een opdracht ingeleverd. In week 4 kregen de de opdracht terug, nagekeken door de docent. De docent gaf aan de opdracht niet te hebben nagekeken, omdat mijn opdracht overeenkwam met het werk van een vriendin van mij. Dat klopt, want we hadden samengewerkt. Maar voor die week, de opdracht van week 4, had ik ook samengewerkt. Omdat de opdrachten alleen in de les mogen worden ingeleverd, besloot ik toch de opdracht in te leveren. Had ik het maar niet gedaan...

De docent beschuldigde ons van plagiaat en stuurde ons naar de Examencommissie. Daar mochten we het verhaal uitleggen. Dat heb ik gedaan met als resultaat dat ik niet ben veroordeeld voor plagiaat maar ongeoorloofde samenwerking. De in die week ingeleverde opdrachten tellen niet mee voor het eindcijfer, maar aangezien ik die opdrachten nauwelijks in een keer haal, maakt het niet eens zoveel verschil. Al vind ik het wel een bizar verhaal. Studenten frauderen bij het leven zonder dat het te bewijzen valt (zoals het inhuren van een tekstschrijver voor een essay e.d.), maar ik, die altijd hard haar best doet en graag wil leren, wordt veroordeeld wegens 'ongeoorloofde samenwerking' terwijl ik een goede reden had voor het feit dat ik niet op de hoogte kon zijn van de regels.

Stom gedoe.

Uitwisseling

Als alles gaat zoals het moet gaan, zit ik over 3 maanden in Bulgarije. The American University in Bulgaria (http://www.aubg.bg/) Waar ik dacht dat het een race zou worden (iedereen staat toch te trappelen om naar Bulgarije te gaan?), bleek ik de enige student te zijn die überhaupt naar Bulgarije wilde. Een klasgenootje en vriendin van mij had nog geen keuze gemaakt. Na lang wikken en wegen heeft ze ook besloten om naar Bulgarije te gaan. Heel cool! Gaan we met z'n tweeën :-)

We kregen allemaal papieren om in te vullen. Zo ook een formulier om je vijf vakken te kiezen. Gelukkig kon ik kiezen uit 247 (niet overdreven) vakken, wat de keus natuurlijk helemaal niet bemoeilijkte. Uiteindelijk heb ik voor de volgende vakken gekozen:
  1. Conflict and Conflict Resolution
  2. EU Politics
  3. Topics in Politics: NGO Management and Proposal Writing
  4. Modern and Contemporary Political Philosophy
  5. Persuasion
Vooral het eerste vak lijkt me ontzettend leuk. NGO Management lijkt me leuk, Proposal Writing minder, maar dat lijkt me leerzaam en heel handig om te kunnen. Filosofie heeft mijn aandacht sowieso, en ondanks dat ik vrij overtuigend kan zijn, wil ik er wat meer over leren. Bij EU Politics heb ik nog niet zo'n beeld, het klinkt vrij breed, maar dat zie ik vanzelf wel. Ik heb ook aangegeven dat ik graag wat extra vakken doe: Ethnicity and Culture Conflict en Ethics. Zo kan ik me een beetje oriënteren, maar ik vind dat ik dan een vollediger vakkenpakket heb.

Een spannende tijd dus, die ik tegemoet ga! Eerst nog even m'n tentamens halen, al lijkt dat bijzaak... wat het niet is :-(

Mijn toekomst

Regelmatig denk ik na over mijn toekomst. Waar sta ik over vijf jaar? Hoe ben ik over tien jaar? Welke kansen krijg ik? Welke risico's neem ik? Ik vind het allemaal heel spannend.

Hoewel je natuurlijk niet in de toekomst kunt kijken, probeer je keuzes te maken die je toekomst beïnvloeden. Dit is soms makkelijker met een gerichte opleiding. Studeer je fysiotherapie, kun je je hoogstens specialiseren in bepaalde gebieden. Maar de kans dat je je bibliothecaris wordt met de opleiding fysiotherapie is vrij klein.

European Studies is een brede opleiding. Dit kan lastig zijn, maar ik vind het prettig. We krijgen meerdere facetten gedoceerd waardoor ik voor mezelf kan uitmaken wat ik wil verdiepen en wat niet. Dat heb ik al gedaan met de keuze voor de minor publiek of privaat. Ik heb voor publiek gekozen, gericht op de overheid. Ik wil geen ambtenaar worden met een van 9 tot 5 mentaliteit, maar het idee dat ik marketingplannen moet schrijven... liever niet.

Met het vak Decision Making ben ik er achter gekomen dat ik het leuk vind om leiding te geven aan een groep. Vergaderingen leiden, discussies leiden, compromissen vormen, partijen bij elkaar brengen. Privé vind ik discussiëren leuk, maar tijdens dit vak waarbij je de positie van je partij moet verdedigen, was ik daarin minder fanatiek. Ik was veel meer bezig met het voorzitterschap, proberen om samen met andere partijen tot een compromis te komen. Een win-win situatie creëren. Onderhandelen vind ik leuk, bemiddelen misschien nog leuker.

Dit had ik niet verwacht. Een verrassende uitkomst die weer perspectief biedt voor volgende keuzes.

Langstudeerboete

Als iets dit jaar nieuws is geweest voor studenten, dan is het wel het wetsvoorstel over de langstudeerboete (zie blog OPGELET!) Toch reageren een hoop studenten in mijn omgeving lauw op dit verhaal. Lange tijd was ik daar een van, totdat ik het eens ben gaan uitzoeken. En wat ik tegenkwam, is niet zo fraai. Sterker nog: ik ben behoorlijk geschrokken.

Sowieso ben ik een van de studenten die een langstudeerboete moet gaan betalen. 3000,- euries bovenop het collegegeld. Terwijl ik de overheid helemaal niet zoveel geld heb gekost. Ga maar na: mijn opleiding journalistiek was een particuliere opleiding die overigens maar drie jaar duurde. Bij een particuliere opleiding betaal je zelf datgene wat de overheid normaal gesproken betaalt. Omdat deze opleiding drie jaar duurde, en ik op die manier eerder kon afstuderen, heb ik hiervoor gekozen. Ik heb toen gewoon mijn hbo-diploma gehaald. Uiteraard ontving ik studiefinanciering, net zoals alle andere studenten van het hoger onderwijs. Er zit een limiet aan de prestatiebeurs, wat betekent dat ik na vier jaar hier geen recht meer op heb.

Nu zit ik in het tweede jaar van European Studies. Ik haal alles en zal hoogstwaarschijnlijk in de reguliere studieduur afstuderen. Toegegeven; ik heb een jaar rechten gestudeerd, maar moest stoppen met die opleiding omdat ik niet het aantal punten haalde die nodig waren om door te gaan naar het tweede jaar. Dit is geen ramp; in het huidige voorstel is er een uitloopjaar, wat betekent dat je na vijf jaar studeren de boete moet betalen als je je diploma nog niet hebt gehaald.

Toch studeer ik 'langer dan wenselijk' volgens de heer Zijlstra. Het maakt niet uit dat ik kies voor een gedegen opleiding waardoor ik mezelf, het bedrijfsleven en de maatschappij wat te bieden heb. Meer dan dat ik had toen ik 20 jaar was, met mijn hbo-diploma maar met nog zoveel onzekerheid en veel te weinig kennis om serieus aan de slag te gaan.

Er zijn nog zoveel meer voorbeelden te geven waarom dit voorstel ambitie van studenten neersabelt. Studenten in besturen van studenten- en studieverenigingen en vakbonden, die netwerken en zoveel contacten hebben waar het bedrijfsleven alleen maar kan van profiteren. Studenten die wel ambitie hebben, en talent, en dit ontwikkelen, maar worden afgestraft op deze manier. Een beroep op een jaar uitloop is niet genoeg, er kunnen zoveel onverwachte dingen gebeuren zoals ziekte, waardoor de studie niet op nummer een staat.

Daarbij beroept Halbe Zijlstra zich op het Profileringsfonds. Studenten die een boete moeten betalen, kunnen zich daar op beroepen als ze een goede reden hebben voor de uitloop. Er is alleen niet aangegeven wat het budget is van het Profileringsfonds. Een loze belofte dus.

Mijn naïeve, passieve ik dacht dat de overheid het beste met me voor zou hebben. Me zou waarderen om mijn inzet en in me zou willen investeren. Wat een deceptie.

Zondag-, zomer-, middag-, einde schooljaardip

Pffffff ik heb een dipje. Echt zo'n iedereen-doet-leuke-dingen-behalve-ik-en-ik-wil-ook-zo-graag-leuke-dingen-doen dip. De dip komt niet goed uit, want ik moet leren. Maar daar heb ik dus geen zin in.

Morgen heb ik Duits. Dat zou moeten lukken. Dinsdag heb ik Frans. Dat wordt sowieso een herkansing. Woensdag moet ik een essay van 3000 (!!!!!!!) woorden in het Engels (!!!!!) inleveren. Dinsdag over een week heb ik een tentamen Zakelijke Correspondentie. 20 juni moet ik een essay van 2000 (!!!!!!!) woorden in het Engels (!!!!!!!) inleveren. O ja, morgen moet ik ook opdrachten voor SLB online zetten.

SLB is een goed concept, maar wat sneu in de uitwerking. Vooral in jaar II. Het is overduidelijk een onderdeel van competentiegericht onderwijs in het hbo, terwijl er nog niet echt een goede uitwerking voor is. In jaar I kreeg je nog uitleg over hoe te studeren, te plannen enz. Dat is handig als je net van de middelbare school komt, denk ik. Dit jaar gaat het er gewoon om dat je je punten haal. That's it. Een vrij overbodig onderdeel, maar het hoort bij competentiegericht onderwijs, dus moet je iets doen.

Zonde en tijdrovend. Voor zowel studenten als docenten. Hoewel het concept goed is, is de uitwerking nog niet helemaal daar.

Simulation game

In het tweede semester van dit schooljaar hebben we het vak Decision Making in Europe (DM). Dit vak is onderdeel van de minor Public die ik heb gekozen. DM is leuk, maar ook wel wat vaag. Het cijfer dat we krijgen bestaat uit drie onderdelen: een tentamen (25%), een simulation game (50%) en een essay (25%).

Het tentamen heb ik al gedaan, en heb ik ook gehaald. Het simulation game hebben we twee weken geleden afgesloten. 20 juni moet ik het essay inleveren (2000 woorden, drama drama.) Het spel was wel leuk om te doen. We werden ingedeeld in groepen: interest groups en politieke partijen uit het Europees Parlement. Ik zat in de European People's Party, de grootste partij van het Europees Parlement. Die partij levert ook de voorzitter en de rapporteur van het parlement. Ik ben gekozen tot voorzitter, heel cool! Met dit spel simuleerden we de besluitvorming in het Europees Parlement.

Ik vond het wel spannend, want dit vak is in het Engels. Mede daarom wilde ik graag voorzitter worden, want zo oefenen ik meteen mijn taal. Het onderwerp was Food Labeling; de etiketten op verpakkingen van producten. Interest groups moesten lobbyen om datgene wat zij belangrijk vonden, in de amendementen (voorstellen) te krijgen van politieke partijen. Bijvoorbeeld het land ver herkomst van producten, welke ingrediënten zet je op de verpakking en hoe geef je het aantal calorieën enz. aan?

Het doel van de rapporteur was: een pakketje samenstellen met amendementen waar iedere politieke partij voor stemt. Mocht een partij een dusdanig probleem hebben met een of meerdere amendementen, dan stem je per amendement. Verder konden politieke partijen hun eigen amendementen inbrengen, mits niet tegenstrijdig met eerder aangenomen amendementen, en daarover werd ook gestemd. Het klinkt simpel, maar dat is het totaal niet. Liberale, socialistische, groene, linkse, rechtse en centrale/midden partijen moeten tot een compromis komen, en dat gaat allemaal niet zo soepel.

De rapporteurs onderhandelen met elkaar om tot een compromis te komen en om grenzen aan te geven. Het lastige van mijn taak als voorzitter was dat je moet denken voor het belang van het hele parlement, maar intussen ook deel uitmaakt van een partij met een eigen mening. Verder moest ik alle vergaderingen, zowel klein als groot, leiden. Ik heb gemerkt dat ik dat proces leuker vond, het leiden en conflicten oplossen, dan dat ik samen met mijn partij een bepaald doel wilde halen.

Het is ook grappig om te zien hoe dit proces verloopt. Uiteraard gaat het niet zoals in 'real life'. Mensen hebben hun eigen mening en sommigen hadden toch wel veel moeite om de koers van hun partij te varen. Een rechtse, liberale partij vertoonde toch wel heel veel linkse, socialistische trekjes. Dit maakte het spel lastig, maar ook interessant. Partijen die normaal bondgenoten zijn, werkten nu niet samen en partijen die normaal echt niet samenwerken, zochten elkaar juist op.

Mijn partij is van af het begin gaan onderhandelen en lobbyen. Andere partijen bleven hierin steken. Die dachten dat het wel los zou lopen. Opvallend is dat de interest groups totaal niet gelobbyd hebben. Er is een keer een georganiseerde lobby meeting geweest, maar verder hebben de interest groups niets gedaan. Zonde, want zo hebben de uitslag maar heel matig kunnen beïnvloeden. Een groep is nog steeds boos omdat er voor een bepaald onderwerp is gekozen, maar eigenlijk moeten ze boos zijn op zichzelf: ze hebben gefaald en dat is echt hun eigen schuld.

Mijn partij heeft het goed gedaan. We hebben compromissen gesloten en nagenoeg een 100% score gehaald met wat we wilden. We hebben een pakket samengesteld waar alle politieke partijen positief voor hebben gestemd. Ik kan dus wel stellen, dat ik dit simulation game met waarschijnlijk een vrij hoog cijfer heb afgerond. Prettig!

zaterdag 4 juni 2011

Onofficiele winnaar de Haagse Taalprijs 2011

Eenmaal per jaar wordt op De HHs de Haagse Taalprijs georganiseerd. Dit jaar deed ik voor het eerst mee. Ik zat met redacteuren van H/Link, het magazine van de De HHs, in een team van drie. Het was best spannend. Er deden zo’n 150 mensen mee: scholieren, studenten en docenten. Het beste studententeam kreeg een prijs, net zoals het beste docententeam. Individueel kregen de beste scholier, de beste student en de beste docent ook een prijs. Omdat ik in het team van H/Link meedeed (medewerkers van De HHs), kreeg ik een groen antwoordenvel voor docenten. Ik had ‘docent’ doorgekrast en ‘student European Studies’ opgeschreven.

Op zich ging het best goed. De toets bestond o.a. uit spelling, werkwoordsvormen, en idioom. Sommige vragen waren heel makkelijk, maar er zaten ook genoeg vragen tussen die ik echt niet wist. Spreekwoorden waar ik nog nooit van had gehoord. Het duurde ongeveer een uur, toen hadden we even pauze waarin iedereen nerveus antwoorden aan het vergelijken was, en terwijl alles werd nagekeken, traden de Reigers op. Dat was leuk!

Toen was het tijd voor de uitslag. De beste student had 36 fouten. Helaas was ik dat niet. Ik had er 32. Maar ik kreeg geen prijs. Ik was de beste student, maar omdat ik een groen antwoordvel voor docenten had gekregen in plaats van een wit antwoordvel voor studenten, was ik nagekeken als docent. Ondanks dat ik extra had opgeschreven dat ik meedeed als student.

Toen we daar achter kwamen, was het natuurlijk al te laat. Helaas helaas, geen 50 euro, geen beeldje en geen vermelding op m’n CV dat ik de Haagse Taalprijs heb gewonnen. Volgend jaar een revanche.

De laatste loodjes

De laatste loodjes wegen het zwaarst. Cliché, maar zo waar. Ondanks dat ik best aardig op schema lig met de planning, voel ik de druk wel. Volgende week heb ik tentamens, Frans en Duits. Verder moet ik ook nog een essay van 3000 woorden inleveren. In het Engels :-(

Het meest maak ik me, zoals altijd, druk om Frans. Blijft lastig. En, zoals altijd, heb ik het meest vertrouwen in de herkansing voor Frans. Die is over drie weken, wat betekent dat ik dan nog ruim de tijd heb om te leren. Dan kan ik me nu richten op Duits en het essay. Beide belangrijke vakken, want je moet deze studiepunten gehaald hebben om op uitwisseling te kunnen. Hetzelfde geldt voor Frans.

Dit is altijd nog mijn strategie geweest. Alle vakken halen, voor Frans uitgaan van een herkansing. Dat is dan de enige herkansing die ik heb, dus niet zo erg, want nog ruim de tijd om te leren waardoor ik de herkansing gewoon haal. Maar Frans is ook heel belangrijk om te halen, vanwege de uitwisseling. Stel nou dat ik het niet haal? Dan mag ik niet op uitwisseling, ook al heb ik verder al mijn studiepunten gehaald. De leerstrategie die me normaal gesproken zo goed afgaat, maakt me nu nerveus. Ik wil geen herkansing voor Frans, ik wil het in een keer halen! Dan ben ik van die spanning en onzekerheid af.

Uiteraard gaat het me nooit lukken om Frans in een keer te halen. Ik moet vertrouwen op mijn strategie, mijn manier van leren. Het is, tot nu toe, nog altijd goed gegaan. Dus waarom nu niet?

vrijdag 3 juni 2011

OPGELET!

Het voorstel van staatssecretaris Halbe Zijlstra (Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen) om langstudeerders een boete te laten betalen, heeft veel stof doen opwaaien. Studenten boos en studentenvakbonden op de barricade om te zorgen dat dit voorstel snel door de papierversnipperaar gaat. Ondanks alle commotie en aangedragen bezwaren heeft de Tweede Kamer het wetsvoorstel aangenomen. Een voorstel dat volgens velen ook juridisch aan alle kanten rammelt.

Geschreven door Renée Meulman

Even een uitleg om het geheugen weer op te frissen. Met als doel bezuinigen en het rendement in het hoger onderwijs te verhogen, heeft staatssecretaris Zijlstra een voorstel ontworpen waarbij studenten die “langer dan wenselijk studeren” een boete moeten betalen van €3000,- per jaar. Langer dan wenselijk betekent: de reguliere duur van de studie plus een uitloopjaar in zowel de bachelor- als de masterfase. Er wordt hierbij geen onderscheid gemaakt tussen voltijd- en deeltijdstudenten, omdat –aldus de redenering van staatssecretaris Zijlstra- “56% van de hbo-deeltijders binnen vijf jaar het hbo-bachelordiploma haalt, tegenover 57% van de voltijders.” Het studietempo wordt als nagenoeg gelijk gezien. In het Wetenschappelijk Onderwijs (wo) doen deeltijdstudenten er langer over dan voltijdstudenten, maar deze groep is dusdanig klein dat ook zij gewoon onder het wetsvoorstel vallen. Studenten met een functiebeperking die recht hebben op een prestatiebeurs, krijgen twee jaar uitlooptijd. Overigens wil staatssecretaris Zijlstra af van het woord ‘boete’, omdat hij studenten geen straf wil opleggen. Hij heeft het liever over een tarief waarop een verhoging van toepassing is. Studentenvakbonden vinden het wel een boete. Geef het beestje een naam, het principe blijft hetzelfde.

Kortzichtig

Falko Evers, voorzitter van de Haagse Studentenvakbond, noemt het voorstel kortzichtig en vindt dat er met dit voorstel op de korte termijn wordt gedacht. “Misschien dat er binnen een paar jaar enkele miljoenen worden opgehaald, maar op de langere termijn moeten we het hebben van goed geschoolde krachten. Daarvoor heb je goed onderwijs nodig. Nederland moet het hebben van kennis. Export is ook vaak kennis.” Evers vindt het wetsvoorstel niet stroken met de ambitie van Nederland, namelijk het horen bij de top vijf van kenniseconomieën. Evers’ redenatie wordt gesteund door Stichting Nederland Kennisland dat in 2010 de Kenniseconomie Monitor presenteerde. Nederland stond op nummer 8 en is ten opzichte van de vorige edities in 2006 en 2003 achteruit gegaan. Gesteld wordt dat Nederland geen monopolie meer heeft op kennis en concurrentie ondervindt van landen zoals China waar al meer dan 22 miljoen studenten aan de universiteit studeren.

Buiten voorzitter van de Haagse Studentenvakbond is Falko Evers voltijdstudent aan de Haagse Hogeschool en deeltijdstudent aan Universiteit Leiden. Nu wordt hij gedwarsboomd door de ‘Halbe Heffing’. “Ik liep op schema toen ik met het voorzitterschap begon. Ik had gerekend op een jaar vertraging, maar met dit voorstel heb ik totaal geen speling meer. Waarschijnlijk moet ik mijn studie aan Universiteit Leiden opgeven, want ik kan dat straks niet meer betalen.” Met zijn eigen voorbeeld beargumenteert Evers dat het hebben van ambitie met dit voorstel wordt ontnomen. Studenten raken ontmoedigd, starten niet aan een tweede studie –eventueel tegelijkertijd met een andere opleiding- en denken wel twee keer na voordat ze aan nevenfuncties beginnen, zoals het voorzitterschap van een studentenvakbond. “Ik weet dat andere studentenvakbonden meer moeite hebben dan voorheen om nieuwe bestuursleden te vinden. Zonde, want dit zijn mensen die een netwerk opbouwen waar het bedrijfsleven later van profiteert.”, aldus Evers.

Luie langstudeerder

Dan kom je meteen bij een discussiepunt. De focus wordt gelegd op studenten die studeren onder het motto ‘lang leve de lol’. Luie langstudeerders waarvoor de maatschappij niet zoveel geld zou moeten hoeven betalen. De Landelijke Studenten Vakbond (LSVb) heeft onderzoek gedaan naar de redenen van studievertraging. Wat blijkt? De meeste studenten hebben studievertraging vanwege een verkeerde studiekeuze (25%) of ziekte (23%). Ook werkzaamheden bij een studievereniging wordt als reden gegeven. Slechts 6% geeft aan studievertraging te hebben opgelopen omdat ze van het studentenleven willen genieten. Deze groep loopt meteen ook het langst studievertraging op, namelijk 22 maanden. Dit terwijl de studievertraging onder studenten gemiddeld dertien maanden is. Is de focus op deze relatief kleine groep dan wel terecht? Met dit wetsvoorstel tref je dus precies de mensen die je niet zou moeten willen treffen.

Op juridisch gebied is er ook behoorlijk tegenstand betreft het wetsvoorstel voor langstudeerders. Op verzoek van de LSVb, het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO) en de Landelijke Kamer van Verenigingen (LKvV) heeft Stibbe advocaten het wetsvoorstel geanalyseerd. Er wordt gesteld dat het voorstel onrechtmatig is. Zo wordt het rechtszekerheidsbeginsel geschonden vanwege het gebrek aan overgangsrecht. Het wetsvoorstel is van toepassing op alle studenten, dus ook de huidige studenten, niet alleen op studenten die volgend schooljaar beginnen met studeren. Echter, de huidige studenten zijn onder andere voorwaarden begonnen met studeren. Zij hebben keuzes gemaakt zonder een overweging te maken die te maken had met de langstudeerboete.

Symboolpolitiek

Het wetsvoorstel zou ook in strijd zijn met internationale verdragen die Nederland heeft gesloten. Zo bevat het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) een bepaling dat terugwerkende kracht verbiedt, het zogenoemde lex certa-beginsel. Dit is te vergelijken met een autoweg waarop je linksaf kan slaan. Op een dag wordt besloten een verkeersbord te plaatsen dat verbiedt om linksaf te slaan. Toch wordt iedereen die linksaf is geslagen voordat dat verkeersbord geplaatst werd, beboet. Dit beaamt ook Jaouad Khamkhami, voorzitter van de academieraad Bestuur, Recht en Veiligheid. Khamkhami geeft aan dat het recht op onderwijs, waaronder de toegang tot onderwijs valt, wordt geschonden. Hij spreek van ‘symboolpolitiek’. Staatssecretaris Zijlstra wil een daad stellen, zijn stem laten gelden en is daarom ongevoelig voor tegenargumenten.

Na een aantal aanpassingen aan het wetsvoorstel, zoals de eenjarige uitlooptijd en dat het verhoogde tarief/boete in schooljaar 2011-2012 nul euro en vanaf schooljaar 2012-2013 drieduizend euro is, heeft de Tweede Kamer ingestemd met het voorstel. Wat nu? De LSVb laat het er niet bij zitten, aldus Maaike Verhoek, vicevoorzitter van de LSVb en met onder andere de portefeuille onderwijs & geld in haar beheer. De Eerste Kamer moet nog stemmen over het wetsvoorstel. Dat gebeurt in juli 2011. De LSVb is druk aan het lobbyen om Eerste Kamerleden te overtuigen van de onjuistheid en onrechtmatigheid van het wetsvoorstel. Protestacties worden niet uitgesloten, maar op dit moment denkt de LSVb dat lobbyen een beter middel is om hun doel te bereiken. Mocht de Eerste Kamer instemmen met het wetsvoorstel, dan zal de LSVb in samenwerking met ISO en LKvV met Stibbe advocaten kijken welke juridische stappen kunnen worden ondernomen. Dan mag de rechter beslissen over de rechtmatigheid van de langstudeerboete.